De gesloten constructie oftewel schroefdak 

Bij de gesloten constructie wordt het riet op een dichte ondergrond geschroefd. Het plaatmateriaal kan bestaan uit multiplex, OSB-plaat, spaanplaat V313 verlijmd (groene spaanplaat), underlayment, etc. (met een minimale dikte van 19 mm i.v.m. de schroeflengte). Er is geen sprake meer van een spouw tussen riet en onderconstructie. Het gehele rietpakket helpt mee met het vormen van een isolerend pakket. Het pand is tochtdicht. Er wordt een harde scheiding gevormd tussen binnen en buiten wat resulteert in een comfortabel en brandveilig rieten dak. Om te voldoen aan de energie prestatienorm (EPN), wordt bij nieuwe daken een isolatie-schroefpaneel geplaatst.

Voordelen:

  • uitstekende isolatie-waarde(Rc=2,5 en hoger)
  • voldoet aan nieuwste bouw-regelgeving
  • hoge brandveiligheid en geen hogere verzekeringspremies voor de brandpolis, opstal en inboedel
  • binnenzijde keurig afgewerkt (geen stof),
  • schroef-panelen staan een grote overspanning toe (2,5 meter) dit levert een “schone” binnenzijde op met weinig gordingen.

De traditionele open constructie 

De open constructie is het rieten dak zoals het al eeuwen wordt gemaakt.
Het riet wordt op rietlatten gebonden waarbij er, vanwege de techniek van het binden, altijd een spouw bestaat tussen het riet en de onderconstructie.
Er is geen “harde” scheiding tussen binnen en buiten en het dak heeft slechts beperkte isolatiewaarde omdat het vrijwel niet tochtvrij te krijgen is. Bij brand in het rietpakket zal het vuur zich in enkele minuten door het rietpakket heen slaan omdat er zurstof door het riet kan worden aangezogen uit de ruimte eronder.
Duidelijk zijn hier de gordingen, rietlatten en sprei- en rietlaag te zien.
Indien een isolatiewaarde met Rc =2,5 verlangd wordt, kan het traditionele dak voorzien worden van aanvullende isolatie in de vorm van een onderliggend isolatie-paneel met verhoogde tengel of kan er naderhand van binnenuit worden geïsoleerd. Bij isolatie van binnenuit, dient een dampremmende laag aan de binnenzijde te worden voorzien ter voorkoming van het gevaar voor inwendige condensatie en daardoor het vergaan van het rietpakket.

Voordelen:

  • zeer beproefde methode (meer dan 6000 jaar ervaring)
  • zeer lichte constructie
  • optimale ventilatie (bv. boven een stal goede vochtafvoer)
  • het riet is van binnenuit zichtbaar wat mooi is vanuit optisch oogpunt.

Nadelen:

  • zeer groot energieverlies boven verwarmde ruimtes als gevolg van tocht
  • voldoet niet aan huidige bouweisen, Rc=0
  • moeilijk verantwoord (aanvullend) te isoleren
  • vrijwel niet stofvrij te krijgen
  • relatief brandgevaarlijk, (hogere opstal/inboedelverzekeringspremie).

Techniek voor het plaatsen van het dak

Rasenberg Uitvoering Rieten dak Rietendaken (17)

Rasenberg Uitvoering Rieten dak Rietendaken (26)

Rasenberg Uitvoering Rieten dak Rietendaken (18)

Rasenberg Uitvoering Rieten dak Rietendaken (12)

bij een gesloten constructie

De onderconstructie moet vlak, gaaf, droog en schoon zijn en voldoende sterkte bezitten. De onderconstructie moet tochtdicht zijn afgewerkt waarbij speciale aandacht vereist is bij dakkapellen, schoorstenen en afvoeren.

bij een open constructie

De rieten dakbedekking moet aangebracht worden op een stevige onderconstructie bestaande uit een sporen (of gordingen) kap. Op de sporen worden de rietlatten bevestigd. Allereerst komt bij de traditioneel open constructie op de rietlatten een laag spreiriet van 2 tot 3 cm. Hierop komt tenslotte de laag met dekriet.

Daar waar het riet over de rand van de onderconstructie steekt, moet gezorgd worden voor “knelling” opdat het riet onder voorspanning komt te staan. De knelling moet 40 mm tot 60 mm bedragen (afhankelijk van de te verwachten windbelasting ter plaatse) en dient aan bovenzijde te worden uitgevoerd opdat er geen hinderlijke hiaten overblijven.  Het riet moet ongeveer 15 cm over de knelplank uitsteken, gemeten aan de binnenkant.

De gaarde moet uit gegalvaniseerde staaldraad (5.5mm) vervaardigd zijn. De eerste gaarde moet worden aangebracht op 180 mm. van de knijpplank. De tweede gaarde op 120 mm van de eerste, elke volgende gaarde op 280 tot 300 mm.

Het riet moet strak gebonden worden op de eerder genoemde rietlat afstanden. Op hoekkepers worden rijgers en/of striksteken in het riet aangebracht. Het dunne draad moet bestaan uit 1.1 mm RVS en om de 18 cm worden aangebracht.

Als de afstand van de nok van het dak tot de knijpplank maximaal 7 meter bedraagt en de dakhelling gelijk aan of groter dan 40 graden is en riet gebruikt wordt dat korter is dan 1,50 m, dan moet de dikte van de rietlaag aan de voet van het dak tenminste 32 cm bedragen en aan de top tenminste 30 cm. De slijtlaag moet gemiddeld minimaal 9 cm per dakvlak bedragen. Indien de afstand nok-knijpplank meer dan 7 meter bedraagt of de dakhelling geringer is dan 40 graden of riet gebruikt wordt dat langer dan 1,50 m, dan worden de bovenstaande maten 34 en 32 cm ( met een minimale slijtlaag van 10 cm).

Een rieten dak behoort vlak opgeleverd te worden. Riet is een natuurprodukt, wat ietwat verschil kan geven in kleur, lengte en dikte, afhankelijk van leeftijd en groeiplaats.

Het riet moet aan de nok zo hoog worden opgewerkt dat tussen dreef en nokafwerking niet meer dan 6 cm overblijft en dus niet meer dan een dikte van 6cm stoppel zichtbaar is.

De absolute minimale hellingshoek waarop riet gelegd kan worden is voor korte dakvlakken 30 graden (dakvlakken tot 2 meter, dakkapellen met een vlakke bovenzijde, etc.) en voor langere vlakken 40 graden. Ook voor ronde dakkapellen is het absolute minimum 30 graden. Wanneer riet gelegd wordt op een dakhelling met een hellingshoek die kleiner is dan 45 graden, moet men wel met een kortere levensduur rekening houden